Riley Green wordt coach in het dertigste seizoen van The Voice, dat op maandag 21 september om 8/7c op NBC begint. De countryzanger neemt naast Adam Levine, Kelly Clarkson en Queen Latifah plaats in de bekende rode stoelen. Green ziet zijn opvallende uiterlijk alvast als een bruikbaar middel in de strijd om kandidaten met een countryachtergrond naar zijn team te halen: zijn cowboyhoed en snor zouden direct duidelijk maken waar zijn muzikale thuisbasis ligt.

Die snor was volgens Green nooit een zorgvuldig uitgedachte stijlkeuze. Hij ontstond toen hij tijdens het scheren met verschillende vormen gezichtshaar experimenteerde. Inmiddels is het zijn herkenbaarste uiterlijk geworden. Bij zijn concerten ziet Green geregeld bezoekers met echte én opgeplakte snorren als verwijzing naar die look. Wat als toeval begon, is dus een vast onderdeel van zijn publieke profiel geworden.
Op The Voice verwacht Green vooral concurrentie van Kelly Clarkson wanneer een countryzanger of -zangeres op het podium staat. Clarkson heeft ruime ervaring als coach in het programma en Green rekent erop dat zij een sterke aantrekkingskracht zal hebben op die deelnemers. Zijn eigen presentatie wil hij juist laten aansluiten bij het beeld dat veel beginnende countryartiesten van een klassieke countryzanger hebben: hoed op, snor erbij en een duidelijke band met het genre.
De opnames brachten Green ook buiten de blind auditions nieuwe ervaringen. Hij vertelde dat Carson Daly voor grappige momenten achter de schermen zorgde. Het uitwerken van het gezamenlijke nummer van de coaches noemde hij creatief leuk werk. Dat groepsoptreden is een terugkerend onderdeel van de start van een nieuw seizoen en plaatst de vier coaches al voor de eerste wedstrijd samen op het scherm.
Green combineert zijn televisiewerk met zijn Cowboy As It Gets Tour. Volgens de beschikbare informatie is dit zijn grootste headlinertour tot nu toe; de reeks loopt door tot december. De tour en zijn rol bij The Voice vallen zo in dezelfde periode, terwijl zijn inmiddels vertrouwde snor op beide podia een herkenningspunt blijft.

